Mede door de agenda van Industrie 4.0 en Smart Industry is de maakindustrie zich in de afgelopen jaren in versneld tempo bewust geworden van noodzaak om flexibele robotica in te gaan zetten om concurrerend te blijven op een wereldmarkt. Ook de groeiende schaarste aan vakmensen in de maakindustrie noodzaakt bedrijven om oplossingen te zoeken in flexibele robotica b.v. voor het pakken en wegleggen van producten.

Tot voor kort werd robotica gezien als een technologie voor massafabricage. De robots zijn zelf weliswaar flexibel in te zetten, maar het ontwikkelen van een complete toepassing in een productieomgeving omvat een investering met een lange looptijd en hoge kosten (terugverdientijden zijn daarmee voor veel MKB bedrijven niet realistisch). Daarnaast worden seriegroottes steeds kleiner en neemt de variëteit aan producten toe. Massafabricage is aan het veranderen in flexibele fabricage en assemblage van kleine series, klantspecifieke onderdelen en eindproducten. Hiervoor zijn nieuwe systemen nodig, waarin robots en mensen samen kunnen werken en zich snel kunnen aanpassen aan nieuwe productieomstandigheden met lage opstartkosten.

Recente technologische ontwikkelingen bieden nieuwe mogelijkheden om mensen en robots te laten samenwerken in een productieomgeving en om de robotsystemen makkelijk en snel te herconfigureren voor een nieuwe taak. De maakindustrie staat voor de uitdaging om productiviteit te vergroten en bestaand personeel zo goed mogelijk in te zetten in relatie tot deze nieuwe robotica: coöperatieve, collaboratieve of adaptieve robots ook wel cobots genoemd. Voor de huidige, meer traditionele, robots is specialistische programmeerkennis nodig omdat huidige robot systemen lastig zijn in te programmeren op herconfiguraties.

Inmiddels zijn er voldoende ontwikkelingen in robotsoftware (zoals het open source platform Robot Operating System ROS Industrial) en makkelijk te gebruiken robotsystemen (zoals Baxter en YuMi) die demonstreren wat technologisch mogelijk is op het gebied van het snel en eenvoudig inleren en programmeren van robots, op en vooral vanaf de werkvloer. Deze nieuwe robotsystemen zullen wellicht op korte termijn een plaats veroveren in de industrie, maar kunnen momenteel nog slechts een deel van de uit te voeren productiewerkzaamheden uitvoeren. Het bedrijfsleven heeft behoefte aan het vereenvoudigen, versnellen, robuuster, schadevrijen gebruiksvriendelijker maken van het inleerproces van de robot (inclusief programmeren). Daarbij dient het inleerproces zoveel als mogelijk te worden geautomatiseerd met zo min mogelijk interventie door de operator en/of programmeur. De robot moet meer en meer een volwaardige collega worden op de werkvloer.

Onze ambitie is om herconfigureren van een robotsysteem net zo eenvoudig te maken als het gebruik van een smartphone. Zo’n benadering biedt kansen om ook de skills van de operator te benutten. De operator kent zijn processen. De robot wordt zijn hulpje. Voor industriële toepassing is een steile leercurve noodzaak. Snel, robuust en veilig inleren en herconfigureren van de robot in interactie met de operator is daarbij een kritische stap! Dit is dan ook de focus van dit projectvoorstel “(G)een Moer Aan”.

Specifiek doel van het project is het ontwikkelen van een generieke methodologie om robotsystemen eenvoudig te configureren voor wisselend, maar repeterend productiewerk. De operator die nu aan de machine staat kan straks de robot zelf herconfigureren, omdat de bediening en herconfiguratie van de robot eenvoudig en doelgericht is opgezet.
Het project beoogt een bijdrage te leveren aan het vergroten van de internationale concurrentiekracht en economische groei van de maakindustrie (en op termijn ook in sectoren als de logistiek, procesindustrie en de zorg en b.v. voor montagewerk op gevaarlijke plaatsen). De resultaten van dit project zullen door de inzet van robots leiden tot productiviteitsverhoging op de werkvloer. Daarnaast zullen banen van vakmensen behouden blijven, al zal de vakman zich wel ontwikkelen van machine operator naar proces- en robotconfigurator. Dit project draagt ook bij het verder ontwikkelen van de vaardigheden van vakmensen (employability).